MAASTRICHT - 'Ik denk dat we uiteindelijk moeten erkennen dat drugs, net als alcohol, niet met het strafrecht te bestrijden zijn', zegt Peter Paul Lampe, president van de rechtbank in Maastricht. 'Ik worstel nog met de legalisering van harddrugs.'
'We treffen zo niet de grote jongen'
Peter Paul Lampe, president van de rechtbank in Maastricht, verraste in februari zijn omgeving toen hij in een winkelcentrum in Maastricht twee vechtende mannen uit elkaar trok, tussen hen in ging staan en hen kalmeerde met woorden. Op de rechtbank moest hij even later het bloed van zijn handen en overhemd wassen.
Lampe (63) raakte met zijn optreden een gevoelige snaar in Limburg. Eind vorig jaar werd in Venlo René Steegmans doodgeslagen toen hij twee stadsgenoten aansprak die op hun scooter een oude vrouw rakelings passeerden. Omstanders grepen niet in.
Ach, eindelijk weer eens goed nieuws over justitie, zegt Lampe in zijn werkkamer in de rechtbank van Maastricht, over zijn tussenkomst. Dat was de enige reden dat hij aanvankelijk via de persrechterwilde reageren op vragen over de kwestie. Verder wil de rechter, die wordt omschreven als zakelijk en uiterst consciëntieus, maar ook als gepassioneerd en zeer betrokken, niet ingaan op de zaak.
Er zijn vragen die hem meer bezighouden, ja zelfs diep emotioneren. Dat zijn vragen over de toestand van de rechtstaat. Die is zorgelijk. Tienduizenden aangiften blijven zonder antwoord, het publiek heeft veel vertrouwen in politie en justitie verloren en de rechterlijke macht staat onder grote druk.
Waar flinke extra investeringen nodig zijn, bijvoorbeeld voor de aanstelling van nieuwe rechters, vreest Lampe voor de bezuinigingen van het volgende kabinet. Nu al zegt hij dat zijn rechtbank 'ernstige problemen' zal krijgen als politie en Openbaar Ministerie de beloofde 10 procent extra zaken aanleveren.
Het brengt de rechtbankpresident bij een gevoelig punt. De rechtshandhaving kan worden verbeterd door tal van maatregelen, maar er is er één waarmee echt een sprong voorwaarts kan worden gemaakt. Haal de drugs uit het strafrecht. Lampe: 'De drugsbestrijding brengt ons hele strafproces in het gedrang. Voor een heleboel andere zaken, die we ook nodig moeten vervolgen, hebben we geen tijd meer. Daar zitten zware misdrijven bij. Dus houd ermee op, legaliseer het nou maar.'
Daarbij gaat het hem in eerste instantie om softdrugs: hasj en marihuana. 'Legalisering van harddrugs, daar worstel ik nog mee. Het is gevaarlijk spul. Maar ik denk dat we uiteindelijk moeten erkennen dat drugs, net als alcohol, niet met het strafrecht te bestrijden zijn.' De berechting van drugskoeriers, onder wie de bolletjesslikkers, heeft hem gesterkt in die overtuiging.
'Dat deugt niet en daar kan ik over meepraten. Ik heb als rechter zelf een aantal zittingen gedaan. Dat viel niet mee. De mensen die worden berecht zijn vrijwel allemaal sloebers die in Peru of de Dominicaanse Republiek of iets dergelijks worden geronseld. Het zijn de echte losers, die hier na hun aanhouding worden berecht volgens heel grove categorieën en straftarieven, die vooral worden bepaald door de hoeveelheid drugs die iemand met zich meedroeg. Bij andere zaken zit je te wikken en te wegen of je iemand een maand meer of minder van zijn vrijheid berooft. En dan wordt die bolletjesslikkers, hup, zo jaren cel opgelegd.
'Die straf moeten ze dan uitzitten in een detentieregime dat slechter is dan dat van andere gevangenen, met meer dan één op een cel, in een land waarvan ze de taal niet kennen en dat allemaal zonder enig bezoek. We treffen bovendien niet de grote jongens die er achter zitten, laat staan de gebruikers in Nederland. Nee, ik vind het, hoe zal ik het zeggen, het stuit me tegen de borst.'
Na berechting van de drugskoerier was de reis naar huis van rechter Lampe 'niet prettig'. 'Ik had met hen te doen. Maar ja, de wet is de baas. En ik zit er niet om mijn eigen visie uit te dragen. Er zijn ook rechters die heel anders tegen de drugswetten aan kijken.'
Nederland betaalt een hoge prijs voor de crisis in de rechtshandhaving, vindt Lampe. Hij heeft een citaat klaar liggen van Kees Schuyt, hoogleraar sociologie en lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid: 'Een groot tekort in strafrechtelijke rechtshandhaving betekent dat willekeur ontstaat in wie wel en wie niet en wat wel en wat niet wordt opgespoord, vervolgd en gestraft. De grondwaarde van een rechtstaat, vermindering van willekeur, komt hier in het gedrang. Verbeterde opsporing is hier een acute noodzaak. Niet strenger, maar eerder en vaker en vooral effectiever straffen van wetsovertreders kan aan een noodzakelijk herstel van vertrouwen in justitie bijdragen.'
Sneller straffen en minder willekeur in de vervolging, daar gaat het om. Zwaarder straffen, daar ziet Lampe niet veel heil in. In Nederland wordt in vergelijking met de rest van Europa al behoorlijk pittig gestraft. Liever ziet hij een beperking van het recht op hoger beroep bij de Hoge Raad. 'Twee instanties, rechtbank en hof, zijn doorgaans genoeg. Met een derde rechtsgang is de rechtvaardigheid niet altijd gediend.'
Voorts zit in het schikken met het Openbaar Ministerie nog veel rek, meent Lampe. Het aangaan van een transactie zou ook gewoon een straf moeten worden, inclusief schulderkenning. 'Het zou een idee zijn als het Openbaar Ministerie dat gewoon kan opleggen. En dat zou dan meer mogen zijn dan een geldboete of een kleine werkstraf. Ben je het er niet mee eens, dan kun je altijd nog in beroep bij de rechter.'
Hij hoopt vurig dat het voorgestelde spreekrecht voor slachtoffers in de rechtszaal niet doorgaat. 'Denk na! Ik kan toch niet zeggen tegen een slachtoffer van verkrachting: ''Mevrouw, u hebt maar drie minuten.'' Dat gaat heel veel tijd kosten. Ik vind de zorg voor het slachtoffer heel belangrijk, maar de rechtszaal, waar het toch om de verdachte gaat, is daar niet de plaats voor.'
Bij de politierechter komen nu al veel zaken die veel te zwaar zijn voor behandeling door één rechter, zegt Lampe. Dat zijn zaken waar je met z'n drieën naar moet kijken, waarover je moet kunnen wikken, wegen en overleggen. Daarmee is de grens bereikt. Ik ga niet meer zeggen: een moord kunnen we ook wel enkelvoudig afdoen. We hebben bepaalde opvattingen over hoe je je werk als rechter behoort te doen.'
Aan de andere kant: als de wetgever bepaalt dat ook de zwaardere zaken enkelvoudig kunnen worden afgedaan, zal Lampe gehoorzamen. 'Het is de wetgever die het moet zeggen. Niet ik. Overigens heb ik zelf als rechter op Curaçao eind jaren zeventig ook veel zwaardere zaken alleen behandeld.'
De president constateert nog een prangend probleem: de onveiligheid in rechtbanken. Op 'zwarte woensdag' - 29 januari dit jaar - deed een gevangene in de rechtbank in Assen een zelfmoordpoging en werd een gijzelnemer van een officier van justitie in Arnhem doodgeschoten.
'We gaan toe naar meer fouilleren, detectiepoortjes, zittingen in strafrechtbunkers en rechters die bedreigd worden. Waar je aan de ene kant je best doet voor de burger, die hier een open organisatie moet aantreffen, moet je nu allerlei barrières gaan opwerpen', zegt Lampe. 'We hebben hier een strafrechter die zeer serieus is bedreigd. Die doet geen openbare zittingen meer, omdat daar te veel extra beveiliging voor nodig is. Maar ook in familiezaken en vreemdelingenzaken wordt het emotioneler en onveiliger.'
Hij wil uitbreiding van de parketpolitie en de garantie dat die onmiddellijk in actie komt als rechters alarm slaan. 'Rechters zijn geen actievoerders, maar voor de veiligheid zou ik graag een uitzondering maken.'